‘Onafhankelijke ketenregisseur nodig bij 4C’

Het idee achter 4C is simpel: samenwerken zodat ladingstromen ketenoverstijgend gebundeld kunnen worden. Kennisinstituut TKI Dinalog houdt zich al jaren bezig met de ontwikkeling ervan. Er is nog altijd veel werk aan de winkel, vindt 4C-programmamanager Bas van Bree van Dinalog.

Het het realiseren van een 4C is nog niet zo eenvoudig. Er zijn diverse concurrenten die met elkaar moeten gaan samenwerken om hun goederen gezamenlijk naar de klant te transporteren.

Barrières

‘Onze onderzoeken richten zich op de vraag: wat zijn de barrières? Want je kunt het tegenwoordig IT-matig erg goed regelen, het businessmodel uitschrijven en daarmee alle financiële en milieuvoordelen berekenen. Maar het is de mens die het uiteindelijk doet. De organisaties moeten mee in de verandering. En dat is van vandaag op morgen niet zomaar geregeld.’

Om de ontwikkeling van 4C in gang te zetten, heeft Dinalog de afgelopen jaren meegewerkt aan diverse pilots. Een van de eerste succesvolle projecten is ‘Bundelen bij de bron’ in de kledingsector, vertelt Van Bree. Verschillende leveranciers in de modebranche werken in dit project horizontaal samen door hun vracht in Azië te bundelen. Dit betekent dat de goederen van meerdere toeleveranciers gezamenlijk naar Nederland worden verscheept, in plaats van allemaal afzonderlijk.

Cross-dock

Een ander project is ‘Zorg voor Logistiek’. Hierbij fungeert een inkooporganisatie als hub waar de inkoop van de zestig aangesloten zorginstellingen wordt geconsolideerd. Een aantal stromen van verschillende leveranciers wordt vanuit een cross-dock operatie uitgeleverd aan instellingen. Dat betekent dat ziekenhuizen één volledig beladen vrachtauto aan de poort krijgen in plaats van meerdere minder goed beladen.

Van Bree: ‘In plaats van dat ieder ziekenhuis apart inkoopt bij verschillende partijen, kopen ze in via één inkooporganisatie. De producten worden bij elkaar gebracht in de distributiecentra van één leverancier, in dit geval van een versleverancier. Daar worden die stromen geconsolideerd en gebundeld voor aflevering als een cross dock. Steeds meer leveranciers haken aan en stoppen hun stromen ook in dit project.’

Steeds meer leveranciers haken aan en stoppen hun stromen ook in dit project.

Macht

Het gevaar bij dit soort projecten is wel dat de inkooporganisatie straks alle macht heeft en leveranciers naar haar pijpen moeten dansen. Maar volgens Van Bree is dat hier niet het geval. ‘Het is belangrijk om op zoek te gaan naar gedeelde voordelen. Leveranciers hoeven ook niet meer zelf naar alle ziekenhuizen te rijden. Voor de inkooporganisatie is het van belang dat de ziekenhuizen niet tien keer per dag meer een auto aan het magazijn krijgen, maar slechts één keer per dag. Aan bezorging zit vaak een grote mate van onvoorspelbaarheid: wanneer komen ze? Wanneer moet je iemand klaar hebben staan? De spullen worden nu al op afdelingsniveau klaargezet en uitgeleverd door de logistieke organisatie. Daarmee is ook de handling voor de zorginstellingen veel efficiënter.’

Tegenwoordig zijn verladers steeds vaker bereid om mee te werken aan dergelijke oplossingen, heeft Van Bree gemerkt. ‘Vroeger ging dit alleen bij stromen van partijen die elkaar niet beconcurreren. Maar je ziet in de loop der jaren de bewustwording bij de verladers dat wanneer je ook concurrentiële stromen combineert, dat niet automatisch leidt tot ondermijning van je concurrentiepositie. Steeds meer bedrijven hebben de visie dat ze concurreren in de winkel, niet op transport. Iedereen heeft baat bij een zo efficiënt mogelijke keten. Er zijn flinke stappen gemaakt als het gaat om bewustwording.’

Stromen bundelen

Ondanks die flinke stappen is het moeilijkste onderdeel van het inrichten van 4C het overtuigen van de verschillende partijen van het gedeelde belang, heeft Van Bree gemerkt. ‘Conceptueel kun je wel bedenken dat je de stromen gaat bundelen. Dan snapt iedereen dat dit leidt tot een verlaging van de kosten. Maar je komt in de praktijk op verschillende barrières. Hoe ga je om met de kostenverdeling? Of de opbrengstverdeling? Wie gaat dat dan doen? En als ik dat laatste stukje zelf niet meer rijd als logistiek dienstverlener, wie gaat dat dan doen? Wie is verantwoordelijk? En ik wil mijn marge niet kwijt. Dat zijn belangrijke barrières.’

Bedrijven zullen nooit instappen als hun eigen positie in gevaar komt. Van Bree: ‘Ze hebben een garantie nodig dat ze in controle zijn van hun eigen supply chain. Dat moet je borgen. Ze zijn vaak wel bereid informatie te delen over het stuk dat nodig is en nieuwe afspraken te maken. In het voorbeeld van ‘Zorg voor logistiek’ bezorgen ze niet meer rechtstreeks naar de ziekenhuizen, maar aan het dc. Alleen de last mile verandert. Elke keer is het zoeken naar de balans tussen de controle en regie die bedrijven op hun eigen stromen hebben en de mate waarin een 4C voordeel kan opleveren.’

Alleen de last-mile verandert voor de leveranciers.

Concurrenten

Van Bree pleit ervoor dat ook expediteurs kijken naar kansen om ladingstromen te bundelen. ‘Ze hebben al zicht op een groot deel van die stromen. Waarom zou je dat niet als concept zelf aanbieden aan je klanten? Je kunt het gesprek aangaan met je klanten en zelf voorstellen de stromen samen met die van de concurrenten af te handelen. En de klant daar ook voordeel bij te bieden. Daar liggen kansen.’

Expediteurs behandelen goederenstromen nu nog vaak op een individuele manier, vindt Van Bree. ‘Containers komen bijvoorbeeld vanuit China aan en worden individueel uitgereden per truck. Als je dat geconsolideerd kunt aanbieden, kun je namens je klanten een barge inkopen of een trein inzetten. Dat proberen ze nu vaak ook vanwege hun eigen kosten. Maar het verschil is dat je een proactieve rol aanneemt als ketenregisseur.’

3PL

Daarbij is het volgens Van Bree belangrijk om vooral transparant te zijn in de keuzes die je maakt. ‘Als 3PL moet je goed borgen dat er geen belang is een stroom via bepaalde dc’s te laten lopen. Dan vragen partijen zich af: waarom gaat het via dit dc terwijl een ander dc wellicht veel kosteneffectiever kan opereren. Krijg je dan als verlader de optimale route? Je ontkomt vaak niet aan onafhankelijke regie met 4C. De uitvoering kan dan alsnog ingekocht worden bij expediteurs.’

Hoewel er al jaren wordt gekeken naar het efficiënter maken van transport, krijgt dit onderwerp de laatste tijd steeds meer aandacht. ‘Iedereen worstelt tegenwoordig om zijn ritten weg te krijgen. Schaarste helpt mee dat ook logistieke partijen eerder zullen kijken naar dit soort nieuwe concepten. Als je de urgentie ziet, sta je meer open voor alternatieven. Anders krijg je de klus niet geklaard en kun je niet aan je service level voldoen. Ook verladers komen dan in de problemen. Bovendien zijn er tegenwoordig zoveel data beschikbaar dat een onafhankelijk 4C control center veel eenvoudiger te realiseren valt.’

Be the first to comment

Leave a comment

Your email address will not be published.


*